Kanovereniging Uitgeest Kanovereniging Uitgeest       Neem de tijd pak de kano

Een bijzondere zondagochtend

Film: Johan

Klik op de foto voor de hele fotoserie

Foto's: Theo

 Een kraakhelder verhaal
Daar sta je dan, zondagochtend om 9.15 op de kade bij de loods van de KVU. Je hebt je door Theo laten uitnodigen voor een tochtje rond De Woude en het belooft een zonnige dag te worden. Maar het is nog wel februari en ja hoor! De hele haven ligt dichtgevroren. Toch geven we het niet zomaar op; met een peddel hakken we een geul waar twee kano’s in kunnen liggen. Timo en Johan vertrekken voor een rondje Spijkerboor, maar komen al na een kwartier weer terug met de mededeling dat ook het meer deels dichtgevroren is. De sloeproeiers zijn ook vertrokken tegen beter weten in. Wat is wijsheid? Ik heb me inmiddels al omgekleed en er liggen nu nog drie boten klaar om te water gelaten te worden. En onze twee dappere voorgangers hebben al tot voorbij het viaduct een vaargeul in het ijs gebroken met veel kracht en geweld. Er wordt besloten om een poging te doen naar De Woude te komen, ervan uitgaande dat de roeisloep wel een breed pad zou hebben uitgehakt. Justus, Theo, Timo, Johan en ondergetekende varen in kiellinie door losse schotsen richting viaduct. Daar blijkt al snel dat de sloep het heeft opgegeven. De roeiers schenken zich een bakkie koffie in en kijken belangstellend wat die gekke kajakkers gaan doen. Ik besluit een wanhopige poging te doen en vaar met een klein aanloopje het ijs op, richting het meer. De boeg schuift over het ijs en vervolgens zakt mijn bootje krakend door het ijs. Nu is het vervolgens de kunst om met mijn peddelbladen kleine gaatjes in het ijs te hakken, want anders is het onmogelijk om af te zetten en glijdt de peddel machteloos en zonder enig effect over het spiegelgladde oppervlak. Als ik de peddel hoog houd en dicht naast de boot laat neerkomen kom ik nog redelijk snel vooruit en al krakend en zingend geeft het ijslaagje zich gewonnen. Dat geeft de burger moed. Ik vaar achteruit terug om met de anderen te overleggen. Intussen heeft de bemanning van de sloep zich herpakt en neemt een flinke aanloop in het reeds bevaarbare gedeelte, om zich vervolgens met ware doodsverachting te storten in het gangetje wat ik net heb gemaakt. Helaas: de sloep valt stil en het kost veel kracht en gewrik om terug te komen. De roeiers gaan terug naar de haven.
Maar wij hebben nu echt de smaak te pakken en met alles wat we in ons hebben storten wij ons in de strijd. Wat een heerlijk geluid! Al dat kraken en het “zingen” dat zich voortplant naar alle kanten. En ja hoor, na een paar honderd meter komen we in een gedeelte van het meer dat nog niet is bevroren. Een tweetal peddelaars is achtergebleven en Theo gaat terug om even te vragen wat er aan de hand is. Zij blijken zich toch enigszins onzeker te voelen in deze vreemde omstandigheden en een van hen besluit dan ook om weer naar de loods terug te varen, wat nu eenvoudig is omdat er alleen kleine losse schotsen op het water drijven. Omdat het toch veel tijd heeft gekost om te komen waar we nu zijn en omdat ook het water bij De Woude waarschijnlijk wel dicht zal zijn, kiezen we voor een kalm rondje Starteiland. Dat is genieten: Helder, niet te koud, heerlijk zonnetje erbij en weinig wind. Wat fijn dat we toch doorgezet hebben! Als we om een uur of een weer bij de loods zijn verbaas ik me erover dat de onderkant van mijn boot totaal niet te lijden heeft gehad van deze expeditie. En op de kade staan alweer twee KVU’ers te trappelen om het water op te gaan. Zij vinden het een beetje jammer dat wij het ijs al hebben gebroken.  Henk