Kanovereniging Uitgeest Kanovereniging Uitgeest       Neem de tijd pak de kano

Sentimental journey

Toen ik vanochtend, zondag 10 november uit de klamme lappen kwam, zag het er niet zo aantrekkelijk uit: er barstte juist een hagelbui los, het was donker en er lagen fikse plassen! Weer om lekker terug te kruipen!
Maar toen ik aangekleed was en gegeten had, was het bijna droog, dus toch maar op de fiets naar de vereniging.
Daar was de tochtorganisator,  Jürgen, reeds aanwezig, had zelfs al koffie gezet.
Dertien is niet altijd een ongeluksgetal. Iedereen hield zich aan de tijdafspraak van 8:30u, zodat we met 12 mensen (Jacco ging rechtstreeks vanuit West Grafdijk) naar het IJsbaanpad in Amsterdam .
55 Jaar terug was Amsterdam Zuid met het Amsterdamse Bos en het Olympisch Stadion, de Schinkelsluis en de Nieuwe Meer mijn speelgebied. Ik woonde aan de rand van de stad. Verderop was het een kaal gebied, nu is het de de "zuidlob" met allemaal luxe kantoren van zichzelf overwaarderende dienstverleners. Toen liep het IJsbaanpad vanaf de Amstelveenseweg door een kale opgespoten vlakte, de rietlanden, langs de natuur-ijsbaan naar de sluis, zo open dat ik me tijdens mijn zwerftochten ooit eens met een wanhoopsgevoel door een ijzige sneeuwstorm terug worstelde naar de beschutting van de woningbouw van het Stadionplein. Nu is het een bebouwde vlakte, waarbij het zo knusse burgerweeshuis, ontworpen door Aldo van Eijk, in de schaduw van de kantoormolochen.

Op de kop van het ijsbaanpad is een luxe maar moeilijk toegankelijke kano overdraag-steiger gemaakt, waar wij te water gingen. Daar waar achter het Olympisch Stadion vroeger de vuilnisboten werden geladen, zijn thans superflats met een parkje aangelegd, terwijl het stadion zelf door het verwijderen van de hoge stalen tribune-ring er vriendelijker uitziet dan in mijn jeugd.
De Schinkel was ooit een veenriviertje, dat bij de huidige Baarsjesbrug dood liep op een overtoom, die het water afsloot van de Heiligewegse vaart, later dito vaart en thans gewoon de Overtoom en de buiten de veste gegraven Kostverloren vaart voor afwatering van het Hoogheemraadschap op en recht-toe scheepvaart naar het IJ. Een overtoom daar aangelegd uit hoofde van een octrooi van Haarlem uit de 14de eeuw, waarbij de binnenscheepvaart van Amsterdam naar het zuiden via de Spaarndammersluis en Haarlem moest lopen. De overtoom kon slechts kleinere schuiten als groentepramen uit Sloten en De Aker overdragen. Begin 19e eeuw werd de overtoom vervangen door een sluis, die op zijn beurt in 1942 vervangen is door de elektrische Schinkelsluis in de kom van de Nieuwe Meer. 
Ik moet er weer aan wennen dat de kaden langs het water een andere naam hebben dan het water, hier b.v. Sloterkade, Schinkelhavenkade, Kostverlorenkade en Da Costakade langs de Schinkel en Kostverlorenvaart, later op de tocht de Stadionkade, Bernard Zweerskade, Amstelkade en Jozef Israelkade  langs het Zuideramstelkanaal. Zo krijg je het naamregister wel vol!


Na de Schinkel komt de Kostverloren vaart, waar ik bij een afslag naar rechts, de v.Lennepkade, een bordje "Berlage route" zag staan, dus gingen we rechtdoor. Nou, niet dat ik in dat stukje Amsterdam veel sporen van Berlage verwachtte. Op de Waternet-kaart ontdekte ik dat je feitelijk via de v.Lennepkade weer terug naar Amsterdam Zuid ging, een erg kort rondje.
Net voor de houtmolen De Otter, waarvan het de bedoeling was deze in het Industriëel erfgoedpark in Uitgeest te plaatsen, sloegen we af via de Hugo de Grootgracht en de Bloemgracht de oude grachtengordel in en langs de Prinsengracht kwamen we op het IJ; weinig golfslag, weinig wind. Het was er vooral druk met rondvaartboten en veren, maar we troffen het dat net alle ponten juist voor ons afmeerden, zodat we rustig voorlangs het Stationseiland konden varen naar  het Oosterdok, waar het rijk geornamenteerd, met het donkerrode bakstenen gevels tegen een betonskelet uitgevoerde Scheepvaarthuis staat te pronken. Naar dit meesterwerk van architecten broeders Van Gendt, Van der Mey, De Klerk en Kramer, jawel bijna de hele Amsterdamse School, moest ik vroeger voor mijn vader vaak brieven wegbrengen, zodat ik veel door het gebouw met die prachtige lambrisering, schilderingen, beelden en glas-in-lood ramen heb gezworven, betoverd door het licht en de afbeeldingen.


Vandaar via het net weer volgelopen Open Havenfront (tunnel Noord-Zuidlijn) naar het Damrak, waar we niet verder konden varen.  Dus weer terug naar het Oosterdok langs de Schreierstoren naar de Oude Zijdsvoorburgwal. Hier werden wij dé toeristische attractie van Japanners en Chinezen. Eerlijk toegeven, er was ook weinig concurrentie voor onze welgevormde , dubbelgespierde vlooienpikken-borsten!
Het was tijd voor een pauze, maar waar oh waar?  Via het Rokin naar de Amstel, langs een koffiehuis op stand, het Doelenhotel. Vroeger stond hier een middeleeuws rondeel, dat "Swijgt Utrecht" heette, gericht tegen de vele vijandigheden van legers van boze Utrechtse bisschoppen, later was hier het "clubhuis" van de burgerwachten, de Doelen en thans een elegant hotel met een uitstekende, helaas zeer dure keuken.
Voorbij de Stopera en het huys-sitten huys (oftewel Oude van dagen tehuis) de Amstelhof, nu de Hermitage, toen oude mensen, oude kunst,  naar het aloude wijn- en bierhuis Hesp. Ach, 13 mensen pasten hier makkelijk in voor een kklein uur drink- en eetpauze. Wel een ongemakkelijke stenen wal, maar niemand ging te water dankzij wederzijdse ondersteuning.


 Voort ging onze trip naar de Jozef Israelkade, het Zuideramstelkanaal. En hier kom je dan echt in Berlage-sferen. Plan Zuid werd opgezet als tegenover elkaar liggende taartpunten, middelpunt Victoriaplein met als kers op de taart, de "Wolkenkrabber" van architect Staal, het geheel begrenst door de Schinkelhaven/Olympisch Stadion van architect Wils. Daar tussenin zichtlijnen van lange brede lanen met voor Nederlandse begrippen grote appartementen van diverse Amsterdamse School architecten. Dus zakelijke bouw, soms zelfs Nieuw Zakelijkheid, maar met kleine bakstenen ornamenten en granieten beeldhouwwerkjes, vaak van Hildo Krop.
Door het Amstelkanaal voeren we langs het Berlage-lyceum, op en top Amsterdamse School.
Langs de Boerenwetering, het Apollohotel en de afsplitsing van het Noorder  Amstelkanaal kwamen we in het Zuider Amstelkanaal, dat het na-oorlogse "Goudkust", voorheen het Zandland, scheidt van het voor-oorlogse Plan Zuid. Daar passeerden we het huidige Spinoza-lyceum, mijn ouwe school, ontworpen door stadsarchitect Jan Leupen in de minimalistische Rietveld-stijl. even daarna de Rietveld kunstacademie. Dan zijn we bijna aan het eind van onze tour, voorbij het Olympisch stadion, door de stuw, die ik nooit in werking heb gezien, maar waarover wij vroeger kropen om gratis in het stadion te komen, naar de Schinkel en naar het startpunt. René en Peter organiseerde daar een soort lopende band om de boten snel uit het water te tillen, over een balustrade heen klaar om op de auto's te laden. Zelfs een politieauto wachtte netjes tot wij de weg weer vrijmaakten!
De terugweg verliep zeer voorspoedig.


Ik ben blij dat ik geen toerleider was, want ik had mijn mede-vaarders moegeluld: van Plan Zuid had ik eindeloos kunnen vertellen! Jürgen was gelukkig voor de mensen wat beknopter van stof.
Opvallend is dat als we varen, eigenlijk weinig zicht hebben op de monumentaliteit van Amsterdam en weinig tijd hebben om verhalen aan te horen.
Ik stel voor volgend jaar gewoon een zig-zag-tocht door de grachtengordel te maken en proberen zoveel mogelijk leuke dingen te zien.
Eric