Kanovereniging Uitgeest Kanovereniging Uitgeest       Neem de tijd pak de kano

Kano-vakantie 2008 in Groningen - 5augustus

Artikelindex

5-8:
Martijn is jarig, het eerste dat ik die ochtend denk, maar het heeft geen zin hem te bellen want hij ligt zeker nog te slapen.
Het is een mooie morgen. Meestal word ik op vakantie om een uur of 6 wakker, dan kan ik een half uurtje nog wat doezelen, maar dan wil ik eruit, opdat ik niet bij het sanitair hoef te wachten.
Na uitgebreid afscheid van Klaas te hebben genomen, varen we terug over het Damsterdiep naar Groningen. In Ten Boer een lunchstop. Max en ik doen boodschappen, met het vooruitzicht van een eindigende vakantie. Een vier km voor Groningen kunnen we door een sluis het Eemskanaal op, maar wij varen verder het Damsterdiep af, omdat daar een kano-route staat aangegeven. De eens zo belangrijke vaarweg wordt een beetje bekneld door de Ring om Groningen, de snelweg. Aan het eind van het Damsterdiep komen we bij een indrukwekkende sluis, die echter niet meer schut. Max en ik verkennen de omgeving, maar nergens een geschikt punt om over te dragen. Dus weer terug naar de sluis, waar we snel worden geschut. Komen we op een kanaal met de afmetingen van het Amsterdam-Rijnkanaal, maar met dan nette houten beschoeiing. Er varen bijna geen schepen, alleen wat plezierjachtjes . En ik, die vreesde voor een intensief gebruik als bij het A-R-kanaal, met dezelfde stalen wanden, waartussen het water tot in eeuwigheid blijft weerkaatsen.
Die 4 km is weer snel overbrugd en we varen via het verbindingskanaal bij het station en het museum naar het Hoorns diep, dat gekanaliseerd het Noord-Willemskanaal heet. Ik vis een rieten zomerhoed uit het water, die thans als trofee op de kapstok thuis hangt.
Onder Groningen vinden we de doorgang met sluisje naar het Paterswolder Meer, waaraan de steiger van de GKV ligt. We komen ongeveer gelijk aan met Nienke. Het clubgebouw is voor KVU-begrippen reusachtig, twee verdiepingen, beneden de botenstalling, boven de recreatiezaal e.d., ligt op zandgrond tussen het Noord-Willemskanaal en het Paterswolder Meer in. De vereniging heeft een tweehonderd leden. Een 18 jaar geleden is het vorige verenigingsgebouw afgebrand. Nu is het interieur aan een renovatie toe. Het schijnt moeilijk te zijn met zoveel leden het gebouw netjes te houden. Peter als loodsbeheerder en Leo als kantinebeheerder zouden een traan wegpinken bij het aanzicht.
Ondertussen komt ook Nicoline aan. Omdat Nienke tot ongeveer 9 uur tijd voor ons heeft, besluiten we zo snel mogelijk op het boventerras (wat een luxe, hè?) te gaan eten. Nienke heeft naast een uitstekende minestronesoep ook een aardappel/haringsalade gemaakt, mijn favoriet!
Herman en ik wassen af, meteen det andere vaat ook en poetsten het aanrecht en gasfornuis weer in toonbare staat.
Een heel gedoe met de electronische sleutel van Nienke en de code, dat delegeert Max maar snel aan mij.
Erg leuk is een polo bassin voor de jeugd, vermoedelijk één van die attracties, die jeugd aantrekt. Nienke vertelt dat ze vrijwel nooit op de “plas” achter het clubhuis vaart, ze vaart liever tochten. Wij vertellen haar dat wij “ons” meer juist zo afwisselend vinden dat het nooit verveelt.
De volgende morgen gaan we tamelijk vroeg weg, na wat te hebben gepraat met een tweetal, dat op het wad wil varen. Ja, want wat gaat er boven Groningen? Juist, het wad! Maar ik denk dat er boven Groningen ook altijd regen is. We maakten nog een wandelingetje naar het Paterswolder Meer, dat er erg vriendelijk uit ziet.
We varen terug naar Groningen en door Groningen langs het Schuitendiep, op weg naar Winsum. Kenmerkend is wel dat het hier vol ligt met vrachtschepen, die een tweede of derde leven als woonark ondergaan. Naast mooi omgebouwde vrachtschepen zien we wrakken liggen, wat Max tot de verzuchting brengt dat er blijkbaar geen schoonheidnormen voor woonboten gelden.
Op het Reitdiep omen we vaarders van de Stad en Ommelanden tocht tegen. De gemiddelde leeftijd van deze mensen geeft te vrezen voor de toekomst van de kanosport. Ik realiseer me echter dat als je afgaat op de gemiddelde leeftijd van de toerfietsers hier en elders, je ook gaat twijfelen aan de toekomst van de wielrennerij! Misschien zijn er gewoon te veel vitale oudjes!
Terwijl mijn maatjes met de kanoërs kletsen, eet ik een enorm overvloedige braamstruik leeg. Ik heb wat moeite met het wachten, omdat mijn benen wat pijnlijk worden door het gebrek aan lopen.
Deze vakantie kenmerkt zich door forse regenbuien en veel wind. Gelukkig hebben we nu vooral voordeel van de wind. Je ziet het Reitdiep steeds verder verbreden, vooral na de kruising met het v.Starckenborghkanaal. Hier komen de bedijkte oevers die het water z'n allure geeft. Op de kaart zie ik het Reitdiep steeds kronkeliger worden, maar ooit heeft men de grootste kronkels bij Garnwerd eruit gehaald, getuige de naam Oude diepje voor een strang in het land.
In Garnwerd gaan we ons nog eenmaal te buiten aan een dure lunch, genietend van de warme wind en het publiek van café Hammingh, dat ooit, vóór de brug, het veerhuis was.
Nog een mooi stuk naar Schaphalsterzijl en dan nog de laatste kilometers van deze vaarvakantie over het Winsummerdiep.
Voorlopig trekken we de laatste keer onze natte tenten uit de luiken, zetten de boel overeind en kletsen wat op het terras. De tenten waaien wel weer droog.
Ik klets even met een echtpaar met dochtertje uit Den Haag, met een canadees en een grote tipi-tent. Ja, die past niet in de canadees. Zij blijken mijn neef Eric van Tiekano of thans Outdoor Valley, maar dan onder de nickname Jerommeke. De vele ontmoetingen, die we hebben, duidt toch wel op een heel klein kanowereldje.
Het eten bestaat uit een mengelmoes van soepen, die we nog in de ruimen hebben liggen, verwarmd met het laatste beetje brandstof.
De avond is warm. Onze buren blijken Terschellingers te zijn, die met Max een gezamenlijke kennis hebben, hetgeen een geanimeerd gesprek oplevert, dat ik echter niet kan volgen. Uit frustratie eet ik me ongans aan zoute stengels, goed voor m'n bloeddruk.

7-8:
De volgende ochtend blijkt het die nacht niet te hebben geregend! Dat zorgt dat we de tenten wat droger kunnen opbergen, howel al het kampeergoed thuis zeker nog goed moet drogen en luchten.
We doen het rustig aan, want we moeten alleen maar terugrijden naar Uitgeest. Het is heerlijk weer, we drinken nog koffie met de familie Douma, kletsen nog wat over de toekomst van het kanokamperen en de meerdaagse kanotochten. Na een hartelijk afscheid rijden we naar Holland.
Nabij Heerenveen rijden we de nacht in onder een pikzwarte hemel; windstoten, maar geen regen. Pas als het weer licht is, stort de regen naar beneden. Bij Sneek gaan we onder het Prinses Margriet kanaal en -nieuw- onder de Geeuw door. De Geeuwbrug wordt nu afgebroken, een brug die hooguit 30 jaar oud is. Als we op de Afsluitdijk rijden, zien we in het zuiden slecht weer hangen. Halverwege de dijk nemen we eeb rustpause met het afsluitend “broodje bal”. Voor ons plasje moeten we een voettocht naar de voet van de dijk maken, want het toilet is in onderhoud.
Het blijft stor- en regenachtig, maar pas in Uitgeest zullen we weer een vette regenbui krijgen.
De boten bergen we op in de loods en gaan snel naar huis. Max gooit me er op de Bloemgaarde voor de deur uit. Het begint zo te gieten dat even later de straat volledig blank staat, een tekenend einde van een waterrijke vakantie

Eric van der Wal 13-8-2008