Kanovereniging Uitgeest Kanovereniging Uitgeest       Neem de tijd pak de kano

De openingstocht 22-4-2007

De openingstocht 22-4-2007

Dit jaar viel deze tocht samen met de Uitgeester watersportdag. Omdat het traditie is de tocht om 13:00u te starten en toegankelijk te laten zijn voor beginnende vaarders, is het doel niet gericht op afstand, maar op gezelligheid, veiligheid en het tonen van mogelijkheden “naast de deur”. De gezelligheid komt altijd wel vanzelf. De mogelijkheden liggen eigenlijk voor het opscheppen, want onze thuishaven ligt in één van de mooiste kano-gebieden van Nederland. Vanwege het korte tijdsbestek, we moesten om kwart over drie terug zijn voor de demonstraties van onze vereniging in het kader van de watersportdag, besloot ik de grenzen van het Uitgeester Meer te verkennen.

Vanuit de verenigingshaven voeren we langs de voorbereidingen voor de watersportdag naar de Wijde Stierop, voorbij gaand aan het steeds interessanter wordend erfgoedpark De Hoop. Bij een noordelijke tot oostelijke wind kan er een erg ongemakkelijke golfslag ontstaan in de trechter van het meer, die naar onze haven leidt. Die golfslag ontstaat al vanaf windkracht 3.
Het Lange Meer, zoals het meer vroeger heette, heeft enigszins een kruisvorm: de staander is het Alkmaardermeer in het noorden en het Uitgeestermeer in het zuiden, het dwarshout bestaat uit de lijn Limmergat in het westen naar de Wijde Stierop in het oosten. Op deze lijn wil het water nog wel eens zeer warrig zijn. Voor een grootwater-vaarder een goed territoor om zijn vaardigheid te testen. Het is zinvol dit gebied te verkennen op mogelijke vluchthavens.

Vanuit de Wijde Stierop kom je naar het zuiden via de Buiten-Krommenije bij de “rolletjes”, een overtoom over de dijk die het Lange Meer scheidt van de Krommenije. Die dijk was ooit noodzakelijk om het noorden van Holland niet in tweeën te laten snijden door de laat-middeleeuwse stormen. Wees ervan overtuigd dat deze afsluiting meer voeten dan schoppen in de aarde heeft gehad: visserij, koopvaardij en handelaren, die vrije doorvaart eisten tegen de boeren en dorpelingen, die zich door het water steeds meer bedreigd zagen. Het vaargebied van de vogelrijke Krommenie-polder is welliswaar ondiep, maar zeer fraai, zeker in het voor- en najaar. Vaak kom je op een warme voorjaars middag in aanvaring met een paaigrage brasem, die net onder de waterspiegel ligt te zonnen. Met kolkende staartslagen vlucht de brasem dan.

De Meldijk, waaraan onze club is gevestigd, zet zich voort in de Lage Dijk en later de Scheidingsweg. Die Scheidingsweg scheidt de Krommeniepolder van de Broek Polder (overdraagsteigers). Ten noorden van de Provinciale weg N203 bevat die ooit zo uitgestrekte veenpolder nog kleine meertjes, de Wijen Bus en het Vroonmeer, die graag door trekvogels worden gefrequenteerd. Het watertje tegen Uitgeest heeft de weidse naam De Meer. Hier moet ongeveer de eerste molen met een "krenckwerk", krukas, (van draaiende naar op-en-neer gaande beweging) van de Uitgeester Cornelis Corneliszoon op een achtkantig vlot hebben gestaan. Aan de Meldijk is onlangs op ongeveer datzelfde punt een kruisfundering voor een een lichte molen, mogelijk een paltrok, gevonden.

Maar ja, wegens tijdgebrek was ik niet in staat met de belangstellenden over de overtoom te gaan.
We voeren vrijwel pal west naar het Pannekoekeiland, dat in het Limmergat ligt. Daar zijn vrije ligplaatsen voor de recreatie. Wees met blote voeten erg voorzichtig op en rondom dit eiland. Vele b.b.q.'s met bier hebben hun glasscherven achtergelaten.
Het Limmergat ontsluit het schitterende vogelgebied van de Hempolder en Dorregeest. Jammer genoeg hebben vele mensen een stukje land met een steigertje langs het water in pacht, waarop reclame wordt gemaakt voor artikel 461 Wetboek van Strafrecht: verboden toegang. Gelukkig ken ik enkele pachters, die geen bezwaar hebben tegen een klein groepje rustige kanoërs, die hun benen even strekken en even uitzien over de vogelpoel in de Hempolder. De eigenaar van de molen is niet erg gediend op bezoek, terwijl het daar en daardoor zo'n aardig plekje is om Holland in het klein te tonen.

Ooit werd het Limmergat van de binnenlanden door een piepklein sluisje van zo'n twee meter breed gescheiden. Dit sluisje was de toegang tot een sloot die naar de Slikkendie en de Schulpvaart leidde, thans is dat sluisje gedempt en herinnert alleen de buurt van Akersloot, de Sluisbuurt, eraan. Er loopt een tochtsloot naar het Museumgemaal. De vaarweg is geblokkeerd door een canadese kano in de duiker onder de weg. Wil je toch naar het museumgemaal, zul je met je boot moeten sjouwen. Voorbij het gemaal weer het water in en langs de A9 naar het Slikkendie, die uitmondt in het Limmerdie, een schitterend water uit een middeleeuws landschap van strandvlakten en -wallen. De ringsloot om de Limmerpolder, waarvan het Limmerdie thans een onderdeel is, leidt om een zeer vogelrijk gebied. Vanuit het Limmerdie leiden twee vaarwaters onder de A9 door naar Limmen: de Laander- en de Dusseldorpervaart. Langs de A9 loopt een ondiepe sloot, die naar de Schulpvaart en dus naar Castricum leidt. Bij de Noordermolen aan het noordelijkste stuk van de ringsloot kun je overdragen in de Noordersloot, die met een moeilijk overklim aansluit op het Noordhollands kanaal.
Jammer, ook dit kon ik jullie niet tonen wegens tijdgebrek.

Vanuit het Limmergat koersten we terug naar Uitgeest, waar de vele attracties reeds in volle gang waren en de cracks van onze vereniging zich reeds voorbereidden op hun wateracrobatiek. We konden vooraf ons hart ophalen aan benzinedampen van de waterscooters en buitenboordmotoren en de lucht van frituur, terwijl de stoker van een stoomboot zijn vuurtje nog eens lekker opstookte.
Vervolgens toonde onze Annet de eskimorol en toonden andere vaarders vooral het wat drogere werk.