Guurtje.

Langzaam komt het terug:

Die poot, het niet kunnen zwemmen, vast zitten bij het riet terwijl ik de vis om me heen bijna kon voelen, kon proeven.

Die vreemde wezens, Mensen, die ik wel ken van het meer, maar die wel erg dicht bij kwamen.

De angst, en die verdomde poot.

Het vastgepakt worden, opgehesen worden aan juist die stomme rotpoot.

Dan vastgeklemd worden, onder iets roods. Zo’n vuilniszak die ik soms ook op het meer had zien drijven? Nee, dit was ander materiaal.

Dat die poot ook nog extra geklemd was, Au! Au! Wat of wie zat er aan mijn poot te trekken, de pijn werd alleen maar erger. Au!

En dan helemaal alleen in dat donkerrode, niet kunnen bewegen, zo erg dat je de pijn van de poot bijna vergat.

En weer opgepakt worden, omwikkeld te worden in gelukkig wat zachtere stof.

En dan weer in het duister, zelf onbeweeglijk moeten zijn, terwijl de ruimte er buiten wel beweegt.

Die poot, dat blijft wel schrijnen.

En dan weer licht, gelukkig.

Van links naar rechts bleef de fuut kijken, terwijl ik haar in mijn rode kajak jack op de stoel klemde. Vlakbij het Starteiland vonden we haar, ze was in paniek toen we haar naderden, probeerde onder te duiken maar kon niet weg, vast zoals ze zat aan een vissnoer. Makkelijk te vangen dus, en ik had haar snel geklemd op mijn dek. Het probleem was meteen duidelijk. Een vishaak door een poot, en dan meerdere meters  snoer aan, die weer om rietstengels gewikkeld waren. Een poging om de haak terug te halen, uit de poot, mislukte. De weerhaak maakte de wond alleen maar erger. Ezra had een tang in zijn luik, maar te grof om dicht bij de haak te komen.

Wat te doen? Accepteren dat de Mens, in dit geval de Visser nu eenmaal schade aan de natuur toebrengt, of de fuut meenemen naar de loods en hopen dat we daar hulp van de Dierenambulance zouden kunnen krijgen?

Dat laatste dus, en zo begon onze tocht naar de loods. Ik had de fuut op mijn dek, kon niet peddelen en mijn kajak moest zelfs gestabiliseerd worden door Bernie.

Ezra had dus 2 kajaks te slepen, en dat terwijl de wind van net aan 4 Bft aanwakkerde naar 5 Bft. Pal tegen, dat ook nog.

Bij het Limmer Gat even pauze, en rust voor overleg.

De fuut kreeg een handdoek om zich, en dat weer in mijn rode kajak jack. Er zat intussen weer beweging in het beest, maar goed ingepakt onder het spatzeil van Ezra kon zij geen kant op.

Bij de loods de dierenambulance gebeld, die binnen 20 minuten voor de deur stond.

En met een ervaren en deskundige hulpverlener. Gelukkig, een klein tangetje in onze eigen gereedschapskist, drie keer knippen, fuut Guurtje was weer vrij!

Au, wat sjorren ze nog harder aan mijn poot. Tsjj, oeff, los!

Nee, weer een andere klem, een ander Mens die me vast heeft. Maar ik zie de lucht, de wolken!

 Het duurde even voor ik door had wat er was gebeurd, maar de stekende pijn in mijn linker poot maakte me wel alert op de omgeving. Onvrij, dat was nog niet zo erg, om de een of andere reden was deze onvrijheid niet zo erg  als de pijn van die poot, al dat had ook te maken met onvrijheid. Blij dat de rode donkerte om me heen weg is, die onmogelijkheid te bewegen.

Die poot, dat blijft wel schrijnen.

De omgeving, gelukkig wel weer licht om me heen.

Nu kan ik wel rondkijken.

Ik mis het water.

Vreemd, de hemel is wel erg dicht bij, geen wolk of zon te zien.

Die poot, dat blijft wel schrijnen.

Ik wil weten waar ik ben, ik blijf kijken, misschien kan ik die pijn dan wel vergeten.

Heeh, daar is weer water. Mijn poot doet nog wel wat pijn, maar …

Ik kan zwemmen, ik kan duiken.

En ik heb trek in een vissie!

 

Dick Mulder, 24 september 2021

Met dank van Guurtje aan Ezra, en aan de Dierenambulance.