13 vaarders en 20 zeehonden.

Op zaterdag de 8e augustus 2020 tufte ieder van ons in het eigen coronabubbeltje naar Nogal Wiedus, het restaurantje met uitzicht op Noorderhaaks. Eenmaal op het water trok de lucht wat dicht met hoge sluierbewolking, en dat was mooi want het was warm genoeg. Neopreen was wel mee, maar niet nodig deze keer. Rob had een rondje uitgezet om Noorderhaaks heen, met de klok mee. Het water spiegelde en de horizon was nauwelijks te zien. Kompas op 270. Aan de oostkant waren wat bootjes aangemeerd en liepen er mensen. Maar het rustpunt was op de zuidwesthoek van het eiland, ten zuiden van het zeehondenreservaat.

En daar was het leeg. Ook de zeehonden lagen er niet: die hadden een eigen hitteprotocol en waren allemaal in het water. Alleen de sterns bleven droog.

Er waren er 12 die uit nieuwgierigheid steeds dichterbij zwommen en ook aan land kwamen om aan de boten te snuffelen. Maar dan weer de afkoeling in. Uiteraard gingen wij ook het water in, omhuld door de zeehonden. Er zijn mensen die een kapitaal betalen om met dolfijnen of schildpadden te zwemmen. Dat kan. Maar dit kan dus ook.

Kasper heeft een eigen hitteprotocol, met een persoonlijke parasol. Die had bij de zeehonden het meeste bekijks.

Aan de noordwestkant stopten Wieger en Anoushka het serieuze kajakvaren en lieten zien welke redding zij van internet hadden geplukt. Een éénpersoonsredding. Handig voor de 1.5 m. samenleving. Deze redding gaat als volgt:

Je doet je spatzeil los, je hijst je benen over de rand aan één kant van de boot en je glijdt het water in. Waarom dat bij een redding hoort: geen idee.

Je gaat weer naar je boot (naar het achterdek) met aan je linkerhand de kuiprand en rechts de peddel half op het dek. Die peddel vergroot de balans. Dan flipper je wat met je benen en je trekt jezelf met je edele delen tot op het dek. O ja: je had de lus van je spatzeil tussen je tanden kunnen doen. Terwijl je zo als een dweil op dat dek ligt, met het bovenlichaam laag dus, rol je naar de kuip toe en zak je met je billen in de kuip en je spatzeil tussen je tanden. Even omdraaien (de peddel is nog steeds balans) en benen één voor één in de kuip. O ja: je had ook een boot kunnen hebben met grote kuip. Volgens Anoushka is dit erg handig in de branding, waarbij je dus wacht met instappen tot vlak na een golf, en je je spatzeil weer op zijn plek en weer vast hebt bij de volgende golf. Waarbij je dus weer omgaat en alles weer opnieuw begint totdat je op het strand bent.

Het is een feest om dit soort oefeningen te doen in het schone zeewater, wetend dat de blauwalg in Uitgeest al welig tiert. En de zeehonden kwamen hierbij vrolijk tussen de boten door.

Aan de noordkant (het Molengat) stond de stroming uitgaand. We moesten dus nog even aan de bak langs de scheefhangende boeien, maar eenmaal langs het eiland gekomen werden we door de stroming naar het zuiden weggezet en kwamen we weer bij Nogal Wiedus.

Heerlijk dagje en bedankt allemaal, in het bijzonder Rob dus!