SAAI?

Dit was de zomer van plannen die niet doorgingen. Geen buitenlandse kanoavonturen, geen verre reizen.

Maar dat hoeft ons er niet van te weerhouden om in de kano te stappen. En op het water zijn we vrij!  Dus besloten Erik en ik om nog eens naar Tiengemeten te gaan, om het eiland heen te varen, daar twee nachten te kamperen en ook te voet het eiland uitgebreid te verkennen.

Samen in de auto met mondkapjes op is geen pretje, maar dat hadden we er wel voor over. Op het parkeerterrein in Nieuwendijk pakten we de kajaks in. Het was maandag, 31 augustus, prachtig weer en er was heel weinig wind. Het sjouwen van de volgepakte boten, over een smalle loopplank naar een kleine drijvende steiger bleek zwaarder dan de hele vaartocht rond het eiland. Tiengemeten is eigendom van Natuurmonumenten en één groot natuurreservaat. Maar dat is het niet altijd geweest. Het eiland heet Tiengemeten omdat de naam aangeeft hoe groot het was: een gemet is een oude oppervlaktemaat, ruim 0,4 hectare. Tegenwoordig is het 7 km. lang en 2 km. breed.  Het eiland is lange tijd verpacht geweest aan enkele boeren, die er vee hielden en ook veel aardappels verbouwden.

De geschiedenis is echter nog interessanter als je bedenkt dat het eiland ooit ook een quarantainehaven is geweest. Schepen die het Haringvliet op voeren moesten op de rede van Tiengemeten voor anker en er kwam een arts aan boord om te beoordelen of er besmettelijke ziekten aan boord waren ( actueel in onze tijd!!). Zieke zeelieden werden overgebracht naar een soort hospitaal, waarvan de overblijfselen nog te vinden zijn op een plek die nu nog De Karantijn heet. Het gebouw is een ruïne waar informatiepanelen zijn geplaatst voor de geïnteresseerde voorbijganger. In latere jaren is het eiland ook een tijd in gebruik geweest als marinebasis en konden de oorlogsschepen daar veilig kruit aan boord nemen voor het scheepsgeschut. Sinds 1997 wordt Tiengemeten beheerd door Natuurmonumenten. Het heeft veel pijn gedaan bij de boerenfamilies die moesten worden uitgekocht om plaats te maken voor de wilde natuur die Natuurmonumenten voor ogen had. Maar ik heb me laten vertellen dat alle boeren die eerst grond moesten pachten van de particuliere eigenaar tegenwoordig op eigen grond elders een goed bedrijf hebben kunnen opzetten.

Zo’n tien jaar geleden was ik al eens op deze bijzondere plek, met een natuurexcursie en ik ben enorm onder de indruk van de veranderingen, ten gunste van natuurontwikkeling. Enkele gebouwen zijn niet afgebroken en blijven staan als ruïne, zoals de oude aardappelschuur, waar de natuur vrij spel heeft. Er zijn plekken waar vleermuizen kunnen overwinteren en kerkuilen kunnen broeden. Schotse hooglanders begrazen de uitgestrekte ruige velden. In de natte wilgenbossen schuilen de reeën en in verscheidene sloten en plassen leven zelfs bevers, die hier vanuit de Biesbosch op eigen kracht naar toe zijn gezwommen. Ook zijn er een aantrekkelijk informatiecentrum, een natuurtuin speciaal ingericht voor kinderen, een museum met oude landbouwwerktuigen en het bekende Rien Poortvliet museum. Tot zover de toeristische informatie!

Maar nu even meer over onze kano-expeditie: Zoals gezegd was het varen weinig inspannend en eerlijk gezegd ook tamelijk saai. Voor een deel komt dat door de stenen beschoeiing die rondom het gehele eiland is aangelegd. Maar saai is toch betrekkelijk omdat hier en daar kunstmatige vooroevers zijn ten behoeve van de watervogels. Daar is de begroeiing afwisselend en we zagen ook mooie grote bomen die deels over het water hingen. Na ongeveer een uur varen kwamen we bij de monding van een brede kreek, die diep het land in gaat en ook in droge tijden zorgt voor voldoende water in het natuurgebied. Helaas is het verboden om daar in te varen, maar dit is waarschijnlijk wel de plek waar de bevers zijn begonnen met het koloniseren van Tiengemeten. Tja, zij kunnen ook niet lezen! We hielden hier wel even pauze om onze lunch te verorberen. Toen we zo stil lagen, tegen een paar gele boeien waarmee de hele kreek kan worden afgesloten, constateerden we dat er enige stroming was, vanuit het eiland naar het open water. Misschien is er toch een minimaal verschil tussen hoog- en laagwater, al is het Haringvliet al heel lang afgesloten. Na een uur of drie – vier waren we aan de andere kant van het eiland, waar de herberg is die kampeerders de gelegenheid biedt om in de mooie boomgaard te overnachten.

Nou, dat hebben we geweten! Er is een piepklein haventje, dat ik wel kende van vorige kanotochtjes, maar ik was daar nog nooit met de kano aan land gegaan. Het begint met een drijvende vlonder, waaraan ook de boot van de herberg ligt afgemeerd. Het deel van de vlonder dat overblijft om uit je kajak te stappen is eigenlijk net te kort, maar dat lukt nog wel. Daarna begint de uitdaging pas echt: met je zware boot langs een smalle loopplank, steil omhoog, dan een scherpe draai naar rechts om via een nog smallere betonnen trap tegen de dijk op te sjouwen en vervolgens met een scherpe bocht naar links, om de trapleuning heen, op een schots en scheef tegelpaadje ongeveer twintig meter te rijden naar de laatste hindernis, een trap naar beneden tot het terras van de herberg.
En dan te bedenken dat er in het haventje een vriendelijk bord van Natuurmonumenten staat: Uitsluitend toegankelijk met roeiboot of kano. Ach, als je tentje eenmaal staat en het biertje op het terras goddelijk smaakt, ben je de ellende ook zo weer vergeten!

Onze avondmaaltijd was al van tevoren goed verzorgd in de vorm van een hartige taart, liefdevol gebakken door Eriks eega. Die avond maakten we een korte wandeling naar het vlakbij gelegen Karantijn, legden vanuit de uitkijktoren aan de zuidkant van het eiland een prachtige zonsondergang vast, zetten met het oude koffiekannetje van Erik nog een lekker bakkie en gingen maar vroeg naar bed, want in deze tijd van het jaar wordt het al vroeg in de avond kil. Het was heerlijk stil, afgezien van het geheimzinnige geluid van een uil en het duurde niet lang voor ik weg zeilde  naar dromenland.

De volgende ochtend scheen al vroeg de zon en het was genieten met verse koffie, terwijl we wachtten op de broodjes die we de vorige avond nog hadden besteld. Ons plan was om deze dag, 1 september, te besteden aan een lange wandeling om zoveel mogelijk van het eiland te zien. Na het ontbijt vertrokken we vanaf onze kampeerplek langs de noordelijke kant over het dijkpad. Ook hier geldt: saai? Een beetje eentonig, dat wel. We hadden aan onze linkerkant het eiland, vlak, open, oude velden en akkers nog herkenbaar aan de vorm. Aan de rechterkant het water, met af en toe een jacht of een enkel binnenvaartschip. We liepen langs een oude boerderij die nu onderdak biedt aan mensen met psychische problematiek, grote moestuin, een paar auto’s op de oprit. Het was mooi weer maar het zonnetje liet de rest van de dag verstek gaan. Er was veel meer bewolking dan de vorige dag en ook een stuk koeler. Goed weer om te wandelen.

We passeerden de haven van de veerpont, waar ook het informatiecentrum zich bevindt. Daar verkoopt men verrukkelijk ijs, in diverse smaken en prima koffie. We hadden een leuk gesprek met een van de vrijwilligers die daar de boel draaiend houden. Zonder vrijwilligers zou onze maatschappij instorten! Opvallend was de rust overal, terwijl het parkeerterrein bij de pont aardig vol was en veel gasten bovendien op de fiets komen. Eenmaal aangekomen op het westelijk deel van het eiland kan men een lusvormig pad door het uitgestrekte rietveld volgen, maar wij besloten al na enkele meters dat dit weinig zou toevoegen aan ons wandelplezier; je ziet namelijk niets anders dan riet, watermunt en andere moerasplanten waar zelfs botanicus Erik niet opgewonden van raakte. Daarom keerden we op onze schreden terug en kozen de met gele paaltjes gemarkeerde route die in zuidelijke richting gaat. Zo kwamen we langs de ruïne van de enorme aardappelschuur, waar de boer de aardappels heel lang kon bewaren om het moment af te wachten dat de aardappelprijs het gewenste niveau had bereikt. Daar wat rondscharrelend hoorden we een luid gezoem en vonden een holte in een grote populier waar talloze bijen in- en uit vlogen. Zou er honing in die boom zitten? We hebben geen conflict met de bijen geriskeerd en trokken ons bescheiden terug. Aan de overkant van een brede kreek zagen we het dak van de boerderij boven de begroeiing uitsteken, een van de gebouwen die zijn gespaard gebleven.

Verderop, niet ver van ons vertrekpunt, vonden we diverse paadjes en “glijbaantjes” die duiden op de aanwezigheid van bevers. Er was ons verteld dat er een zichtbare beverburcht moest zijn in dit gebied, maar die hebben we niet gevonden. De bevers zelf lieten zich ook niet zien, schuw als ze zijn. En de aanwezigheid van wandelaars zal daar ook een rol in hebben gespeeld. Misschien hadden we meer kans gehad als we heel vroeg in de ochtend waren gekomen. In gedachten zag ik die stoïcijnse bever die lang geleden met een grote wilgentak in zijn bek vlak voor mijn kajak langs zwom in de Biesbosch. Dat was een toevalstreffer!

Al met al waren we een groot deel van de dag aan het lopen geweest. Wat een weelde was het om daarna in de herberg neer te strijken met een koel biertje en vervolgens een heerlijke maaltijd voorgeschoteld te krijgen. Ik heb me de ganzenborst met cranberry saus goed laten smaken en ik zag Erik ook genieten van zijn portobello. En dan heb ik het nog niet eens over de desserts gehad!  Alle lof voor de gastvrijheid in deze herberg! Onze kritische opmerkingen over de voorzieningen voor kajakkers werden helaas niet erg gewaardeerd door de waardin, hoe opbouwend wij het ook bedoelden. Zij vond dat we toch heel blij moesten zijn dat er langs de kade was gemaaid!

Voor ons was het moment aangebroken om, in omgekeerde richting, de exercitie van maandag te herhalen. Dat was tevens weer het zwaarste deel van de dag. De overtocht nam niet meer dan een half uur in beslag en het water was even vlak als de vorige dagen. Heel ontspannen pakten we onze bootjes uit en aten we gezeten aan een picknicktafel onze lunch, voordat we de terugreis aanvingen. Eigenlijk jammer dat we deze prachtige nazomerdag grotendeels in de auto moesten doorbrengen!

KLIK op onderstaande foto voor de hele fotoserie

Henk.